Via deze link kan je het volledige reglement downloaden of printen.

1 WAT IS EEN AUTEURSLEZING?

Literatuur Vlaanderen wil ontmoetingen tussen auteurs en lezers aanmoedigen. Een goede lezing verlaagt de drempel om een boek te beginnen lezen. Ze wekt nieuwsgierigheid en leeshonger. Een lezing kan het leesplezier vergroten, de leeservaring verrijken en de blik op de literaire wereld verbreden.

Literatuur Vlaanderen verstaat onder een auteurslezing een ontmoeting tussen één of meer auteurs en lezers. Een lezing vertrekt vanuit bestaande literaire boeken, teksten, illustraties of selecties van literair werk. De auteurslezing mag creatief ingevuld worden, bijvoorbeeld voorlezen uit eigen werk, vertellen over eigen werk, geïnterviewd worden over eigen werk, interactie met het publiek over het eigen werk, gebruik van verschillende media op basis van de eigen publicatie of creatieve opdrachten vertrekkende vanuit het literaire werk. Een lezing duurt minimaal één (les)uur.

2 WIE KOMT IN AANMERKING?

2.1 WIE KAN EEN SUBSIDIE AANVRAGEN?

Volgende organisaties, met een maatschappelijke zetel in België, die een lezing plannen die plaatsvindt in België, komen in aanmerking om een subsidie aan te vragen:

  • scholen (kleuter-, basis- en secundair onderwijs, hogescholen, cvo’s enz.);
  • bibliotheken;
  • leesclubs;
  • socioculturele verenigingen, bewegingen en vormingsinstellingen;
  • zorginstellingen en organisaties uit de welzijnssector;
  • cultuur- en gemeenschapscentra;
  • organisaties voor kunsteducatie en sociaal-artistieke werking;
  • individuele (filialen van) boekhandels.

2.2 VOOR WELKE AUTEURS KAN JE SUBSIDIE AANVRAGEN?

De organisator kan een subsidie aanvragen voor lezingen van Vlaamse auteurs[1] die zijn opgenomen op de auteurslijst van Literatuur Vlaanderen. Om een subsidie aan te vragen voor een lezing, moet de organisator zich eerst registreren via www.auteurslezingen.be. Bij registratie stelt de organisator een gebruikersnaam en paswoord in. Hiermee kan de organisator inloggen op zijn of haar persoonlijke account en gesubsidieerde lezingen aanvragen en wijzigen.

De volgende lezingen komen niet in aanmerking voor een subsidie:

  • lezingen georganiseerd door uitgevers en/of lezingen met uitsluitend commerciële doeleinden (signeersessies, boekpresentaties, verkoopacties, auteurspromoties enz.);
  • lezingen georganiseerd door organisaties die een structurele subsidie van Literatuur Vlaanderen ontvangen;
  • lezingen georganiseerd door organisaties die voor een literaire manifestatie een subsidie van Literatuur Vlaanderen ontvangen;[2]
  • (schrijf)cursussen;
  • opnames van voorleessessies.

2.3 MAXIMAAL AANTAL LEZINGEN PER JAAR

Een auteur kan maximaal 15 gesubsidieerde lezingen per jaar geven. Een auteur kan maximaal 2 gesubsidieerde lezingen per jaar geven aan een vereniging waarvan de auteur organiserend lid is. Daarnaast kan de auteur nog maximaal 13 gesubsidieerde lezingen geven aan organisaties waarvan hij of zij geen organiserend lid is. Een organisatie kan maximaal 15 gesubsidieerde lezingen per jaar organiseren. Literatuur Vlaanderen betaalt de subsidie (maximaal 1.500 euro per jaar) rechtstreeks aan de auteurs, aangevuld met de bijdrage van de organisator en eventuele (vervoers)onkosten. Een organisator kan een subsidie aanvragen voor meerdere auteurs per dag.

Wanneer twee of meer auteurs samenwerken, wordt het aandeel van elke auteur beschouwd als een aparte lezing. Ook voor de organisator telt de inbreng van elke meewerkende auteur als een aparte lezing. Met andere woorden: de organisator kan per jaar maximaal vijftien auteurs uitnodigen volgens dit subsidiereglement.

2.4 SUBSIDIEBEDRAG EN BIJKOMENDE VERGOEDINGEN AUTEUR

De subsidie bedraagt 100 euro per lezing. Literatuur Vlaanderen betaalt de subsidie, samen met de rest van het totaalhonorarium, rechtstreeks aan de auteur. Dat honorarium (inclusief de 100 euro subsidie) is belastbaar volgens de geldende regeling op de inkomstenbelasting. Auteurs ontvangen van Literatuur Vlaanderen in het jaar volgend op de gepresteerde lezingen een fiche 281.50 voor hun belastingaangifte.

Literatuur Vlaanderen kent enkel subsidie toe als het honorarium van de auteur lager is dan 600 euro. Wanneer een auteur een bedrag vraagt hoger dan 600 euro, verstrekt Literatuur Vlaanderen geen subsidie.

Naast de subsidie verwacht Literatuur Vlaanderen dat de organisator een bijkomende vergoeding voorziet voor de auteur en de vervoersonkosten van de auteur (treinticket 2de klasse of kilometervergoeding[3]) op zich neemt:

  • scholen: vervoersonkosten + minimaal 35 euro eigen inbreng voor het honorarium;
  • leesclubs: vervoersonkosten + minimaal 60 euro eigen inbreng voor het honorarium;
  • bibliotheken:
    • vervoersonkosten + minimaal 35 euro eigen inbreng voor het honorarium (schoolpubliek);
    • vervoersonkosten + minimaal 60 euro eigen inbreng voor het honorarium (algemeen publiek);
  • socioculturele organisaties, zorginstellingen, cultuur- en gemeenschapscentra, organisaties voor kunsteducatie en sociaal-artistieke werking en boekhandels:
    • vervoersonkosten + minimaal 35 euro eigen inbreng voor het honorarium (voor specifiek doelpubliek in het kader van interculturaliteit of armoedebestrijding);
    • vervoersonkosten + minimaal 60 euro eigen inbreng voor het honorarium (algemeen publiek).

Literatuur Vlaanderen int de eigen bijdrage en de (vervoers)onkosten bij de organisator. Na afloop van de lezing betaalt Literatuur Vlaanderen het volledige bedrag (subsidie, bijdrage organisator en vervoers-onkosten) uit aan de auteur. Dit gebeurt nadat de organisator online een kort verslag van de lezing heeft ingediend. De organisator krijgt één dag na de lezing een herinneringsmail met de vraag om dit online verslag in te vullen.

3 AANVRAAGPROCEDURE

3.1 DEADLINE

Organisatoren kunnen op elk moment, het hele jaar door, een aanvraag voor een auteurslezing indienen. De aanvraag moet wel uiterlijk één maand voor de datum van de lezing ingediend worden. De aanvraag kan maximaal twaalf maanden voor de datum van de lezing ingediend worden. Aanvragen die te laat worden ingediend, zijn onontvankelijk.

3.2 AANVRAAG

De organisator contacteert een auteur die vermeld staat op de auteurslijst via de contactgegevens op de website en maakt inhoudelijke, praktische en financiële afspraken met de auteur. Wanneer met de auteur is afgesproken dat er subsidie kan worden aangevraagd, dient de organisator de subsidieaanvraag online in.

De organisator vraagt een subsidie aan voor de lezing via www.auteurslezingen.be. De aanvraag gebeurt digitaal. Organisatoren die niet over internet beschikken, kunnen de aanvraag ook op papier indienen. Literatuur Vlaanderen bezorgt het aanvraagformulier aan organisatoren die dat vragen.

4. BEOORDELING AANVRAAG

Bij de beoordeling van de aanvragen houdt Literatuur Vlaanderen rekening met de volgende criteria:

  • inhoud, opzet en kwaliteit van de lezing;
  • leesbevorderend karakter van de lezing;
  • goede promotie voor de lezing;
  • voorbereiding van de doelgroep voor de lezing;
  • duidelijke afspraken tussen auteur en organisator over duur, inhoud en vorm van de lezing en over praktische benodigdheden;
  • een degelijke vergoeding voor de auteur.

Individuele aanvragen worden behandeld door een medewerker van Literatuur Vlaanderen, die zich kan laten adviseren door de adviescommissie Auteurslezingen als er twijfel bestaat over het beoogde doelpubliek, de verhouding van de individuele aanvraag ten opzichte van eerdere aanvragen of een beperkte uitstraling van de lezing. Als Literatuur Vlaanderen de aanvraag positief beoordeelt, dan verklaren de drie partijen (Literatuur Vlaanderen, organisator en auteur) zich akkoord met de gemaakte afspraken.

Als de organisator een auteurslezing organiseert in een gemeente waar UiTPAS gebruikt wordt, dan verwacht Literatuur Vlaanderen dat de organisator van deze mogelijkheid gebruik maakt en dat er in samenspraak met de plaatselijke UiTPAS-verantwoordelijke een kansentarief en de toekenning van UiT-punten worden voorzien bij deelname.[4] De kosten hiervoor worden gezamenlijk gedragen door deelnemer, aanbieder en lokale overheid volgens de lokaal geldende verdeelsleutel van het kansentarief.

5. MEDEDELING EN UITBETALING VAN DE SUBSIDIE

Als er een subsidie toegekend wordt voor de lezing, dan brengt Literatuur Vlaanderen auteur en organisator per e-mail op de hoogte. Dit gebeurt wanneer de auteurslezing ook door de auteur online is goedgekeurd. Als Literatuur Vlaanderen geen subsidie toekent aan de lezing, dan stuurt ze een gemotiveerde e-mail naar de organisator van de lezing.

Eén dag na de auteurslezing ontvangen organisator en auteur een e-mail met de vraag om online een kort verslag in te vullen over de lezing. Voor de organisator is dit verplicht, voor de auteur niet. De organisator vult het verslag ten laatste vijf dagen na de lezing in. Na ontvangst van het verslag verstuurt Literatuur Vlaanderen de factuur voor de eigen bijdrage en de vervoersonkosten per e-mail naar de organisator. Tegelijkertijd met het versturen van de factuur naar de organisator, betaalt Literatuur Vlaanderen het totaalhonorarium (inclusief subsidie) aan de auteur. Literatuur Vlaanderen wacht dus niet tot ze de betaling van de organisator ontvangt om het totaalhonorarium aan de auteur te betalen. De betaling aan de auteur gebeurt binnen een maand na ontvangst van het verslag van de organisator. Zonder verslag betaalt Literatuur Vlaanderen niet. Auteurs die voor hun lezingen een factuur opmaken, moeten deze uiterlijk de 15e van de maand die volgt op de auteurslezing aan Literatuur Vlaanderen bezorgen.

Bij oneigenlijk gebruik behoudt Literatuur Vlaanderen zich het recht voor om de tussenkomst van 100 euro te weigeren. Literatuur Vlaanderen kan altijd bijkomende inlichtingen over de lezing inwinnen en/of de lezing bijwonen. Als de organisator of de auteur de bijdrage voor een ander doel dan het honorarium voor de auteurslezing gebruikt, eist Literatuur Vlaanderen onmiddellijke terugbetaling. Het is mogelijk dat Literatuur Vlaanderen hierdoor in de toekomst deze organisator of auteur niet meer ondersteunt.

Als de lezing om een of andere reden niet doorgaat, dan moet de organisator Literatuur Vlaanderen daarvan op de hoogte brengen. Als de organisator de lezing laattijdig en eenzijdig annuleert, dan wordt met de drie partijen (Literatuur Vlaanderen, de organisator en de auteur) naar een overeenkomst gezocht waarbij de organisator een gepaste financiële compensatie voorziet voor de tijd die de auteur al in de voorbereiding van de lezing heeft geïnvesteerd.

Als de organisator de eigen bijdrage niet aan Literatuur Vlaanderen betaalt, dan zal de organisator geen verdere subsidieaanvragen meer kunnen indienen.

6. SUBSIDIEVERPLICHTINGEN

Op alle promotie- en documentatiemateriaal (folders, affiches, brochures enz.) en op de website van de lezing waarvoor de organisator een subsidie van Literatuur Vlaanderen ontvangt, moet Literatuur Vlaanderen als subsidiegever worden vermeld, samen met de logo’s van Literatuur Vlaanderen en  auteurslezingen.be. Deze logo’s zijn als download beschikbaar op www.literatuurvlaanderen.be en op www.auteurslezingen.be.

7. GROTERE PLANNEN

Organisatoren die kort na elkaar verschillende auteurslezingen plannen met een of meerdere auteurs met een woonplaats in België, die zijn opgenomen op de auteurslijst (bijvoorbeeld een auteurstournee), kunnen een overkoepelende aanvraag indienen voor de verschillende lezingen samen. Als het gaat om een lezingenproject in het kader van een bovenlokaal samenwerkingsverband of met een bovenlokale uitstraling, dan kan Literatuur Vlaanderen meer dan 15 lezingen subsidiëren. De subsidie voor een lezingenproject bedraagt maximaal 10.000 euro. De gemotiveerde aanvraag hiervoor wordt voorgelegd aan de adviescommissie Auteurslezingen. De adviescommissie Auteurslezingen zal in de eerste plaats ieder aanvraagdossier afzonderlijk beoordelen op basis van de gemotiveerde aanvraag. Vervolgens zal ze haar beoordelingen van alle ingediende aanvraagdossiers tegen elkaar en tegen het beschikbare subsidiebudget afwegen. Bij het maken van keuzes zal de adviescommissie Auteurslezingen de voorkeur geven aan het ondersteunen van startende initiatieven, georganiseerd binnen een nieuw samenwerkingsverband. Organisatoren nemen hiervoor eerst contact op met Literatuur Vlaanderen via info@auteurslezingen.be  of 03/270.31.60.

Voor organisatoren die méér doen dan alleen maar een auteur uitnodigen voor een of meerdere lezingen zijn er nog andere manieren van ondersteuning. Zo heeft Literatuur Vlaanderen ook een subsidieregeling voor literaire manifestaties. Het subsidiereglement met informatie over deadlines, samenstelling van het dossier en beoordelingscriteria vind je op www.literatuurvlaanderen.be. Let wel op: een organisator kan niet voor hetzelfde project subsidies aanvragen voor een literaire manifestatie én voor auteurslezingen. Als de aanvraag voor een literaire manifestatie niet voldoet aan de criteria die worden opgesomd in het subsidiereglement, dan kan de adviescommissie Literaire Manifestaties en Organisaties de aanvraag doorverwijzen naar de subsidieregeling auteurslezingen.

Specifieke leesbevorderingsprojecten kunnen een aanvraag indienen voor de subsidieregeling leesbevordering van Literatuur Vlaanderen. Het subsidiereglement met informatie over deadlines, samenstelling van het dossier en beoordelingscriteria vind je op www.literatuurvlaanderen.be.

Scholen kunnen voor culturele (inclusief literaire) projecten steun aanvragen bij CANON Cultuurcel via het Dynamo3-programma. Meer informatie daarover is terug te vinden op http://www.cultuurkuur.be.

 

[1] Alle Vlaamse auteurs die gesubsidieerde lezingen geven, zijn opgenomen op de auteurslijst. De auteurslijst kun je raadplegen op www.auteurslezingen.be. De criteria voor opname op de auteurslijst zijn terug te vinden in het document ‘Criteria auteurslijst’.

[2] De adviescommissie Literaire Manifestaties en Organisaties kan doorverwijzen naar de subsidieregeling voor auteurslezingen als de manifestatie niet voldoet aan de criteria zoals vermeld in het subsidiereglement voor literaire manifestaties.

[3] Het bedrag van de kilometervergoeding wordt jaarlijks met ingang van 1 juli herzien door de Vlaamse minister bevoegd voor Bestuurszaken. Op 1 juli 2018 bedraagt de kilometervergoeding voor wagens 0,3573 euro/km. De kilometervergoeding per fiets bedraagt 0,23 euro/km.